Opnieuw het oude liedje…

Bericht in de Twentsche Courant Tubantia van 4 april 2004: “Rem op Paasvuren”

Het ‘Servicepunt Milieuhandhaving Overijssel’ blijkt op het oude liedje door te tamboeren, dat verbranden van hout altijd slecht is. Ook ‘schoon snoeihout’ scharen zij het liefst onder de noemer ‘verbranden van afval’, want dan kun je ook de paasvuren mooi samen voegen met alle ‘andere’ rommel. En dat maakt de milieuregelgeving veel eenvoudiger en efficiënter. Dus wil deze club, dat de gemeenten in Twente een rem op de paasvuren zetten. Dat is in het kort –vrij vertaald- de visie van de papiermilieu-brigade, die in de provincie een gelijkluidend milieubeleid tot stand wil brengen.

Commentaar:

Er zijn twee redenen om van de paasvuren af te blijven. Ten eerste praat je over een oud gebruik van voorchristelijke oorsprong, dat in sommige gevallen ook een plaats in de religieuze paasviering heeft verworven.

Paasvuren zijn niet zomaar een fikkie en een bultje afval. Het is een oeroud gebruik, dat in deze streken hoort bij het levend cultureel erfgoed. In 1995 is daar ook onderzoek naar gedaan (Ton Dekker, Meertensinstituut). De oude vreugdevuren zijn thans ook ‘sociale vuren’ geworden. Enkele gemeenten hanteren dit begrip ook bij de vergunningverlening. Paasvuren hebben een aparte status als traditioneel gebruik, dat vanuit de bevolking komt. Paasvuren zijn een ‘bottum up’-verschijnsel, meer veel vrijwilligerswerk door de lokale gemeenschap.

Ten tweede zijn paasvuren in Nederland niet toevallige vuurtjes op een bepaalde datum. Zij maken deel uit van een Europees gebruik dat Noord naar Zuid gezien, van Denemarken tot Zwitserland/Oostenrijk loopt en van West naar Oost gezien, van de Veluwe/Betuwe tot achter de Elbe. Als je al aan paasvuren wilt komen, omdat het je niet bevalt (in de 16de eeuw waren dat de protestantse dominees, in de 20ste en 21ste eeuw de milieudominees), bekijk het dan via de Europese Unie.

Een ander argument is dat ‘slecht voor het milieu’ zijn. Een probleem bij de milieuzaken is, dat er steeds meer tegenstrijdige berichten en onderzoeken komen. Veiligheidshalve worden vele milieunormen dan maar heel scherp gezet. Bepaalde stoffen hoeven helemaal geen ernstig gevaar op te leveren, het is gewoon een norm geworden die vaak ‘heilig’ verklaard wordt. Dat werkt makkelijker, ook in de handhaving. Dat noem ik voortborduren op het oude liedje.

Natuurlijk leveren paasvuren rook en stof op. Ik ken de Duitse literatuur en overzichtskaarten van het toegenomen gehalte aan stofdeeltjes in de lucht omstreeks Pasen (titel “Osterfeuer, ein Phenomän”). Het leverde mij een aardige overzicht op van de dichtheid van de paasvuren, West-Europees gezien. Maar het is maar 1x per jaar (herhaling: EEN KEER). In het licht van voorgaande argumenten gezien, stort het milieu daardoor echt niet in elkaar.

Bovendien blijken scherpe milieunormen niet altijd goed te zijn. Ze kunnen gewijzigd worden. In Drenthe ontstonden er eind vorige eeuw problemen toen heideplagsel en -maaisel uit nationale parken ineens als ‘milieugevaarlijk’ te boek kwam te staan. Bij het natuurbeheer van de Dwingelose hei en de Kralose heide in het nationaal park Dwingelderveld, wordt het heidebehoud door maaien en plaggen van rijkswege gesubsidieerd. Door een scherpgekozen, maar rare wettelijke norm voor het cadmiumgehalte, bleek afgeplagde heide ineens ‘chemisch afval’ te zijn worden. Het moest ‘Vorschriftsmässig’ verwerkt worden op een industrieterrein, of vernietigd worden (en de kosten stegen de pan uit).

Deze idiotie situatie waarin, het milieubeleid het natuurbeleid (notabene in nationale parken) frustreerde, is opgelost door de betreffende milieunorm te wijzigen. Milieunormen en –regels zijn niet heilig.

Kortom: Hou op met het gezeur over de geweldige milieuschade door paasvuren. Koester het gebruik en bevorder dat. We hebben het over een gebruik dat in de harten van mensen leeft. Dat is iets héél anders dan regelgeving op papier.

Paasvuren genieten een uitzonderingspositie.

Jan Tuttel

Dit bericht is geplaatst in Algemeen met de tags , , , , . Bookmark de permalink.