“Reisroute door Noord-Nederland langs Oorden van Moorden & Dood, Galgenbergen en het officiële graf van de Dood”

 

De route voert langs plaatsen en plekken waar de moord & doodslag reeds enige historische lading heeft gekregen. Deze historische rondreis is natuurlijk niet compleet. Zo is bijvoorbeeld het verhaal van de ‘Mordgasse’ in het Duitse Nordhorn en dat van de ‘crime passionele’ met Berend Kielstra als enige vermoorde uit 1905 in Giethoorn niet in de route opgenomen. Actuele, verse moordzaken en voorvallen uit de Tweede Wereldoorlog zijn ook niet opgenomen. Van elk ‘oord van de moord’ bestaat een gedenkmonument, een toponiem (veldnaam), een voorwerp, boek, artikel, wandel- of fietsroute, toneelstuk, film of iets dergelijks.

 

1- Dokkum

Op 5 juni 754 werd bij Dokkum de Benedictijner missionaris Winfried Bonifatius vermoord. Hij hoorde bij de voorhoede van Angelsaksische of Ierse afkomst, die het Christendom in Noordwest-Europa moest zien in te voeren. Zijn eerste Friese missie in 716 mislukte, omdat teveel volk afwezig was ‘wegens oorlog’. Hij trok zich weer terug in een klooster in Duitsland. Winfried Bonifatius maakte later naam door in Geismar de ‘heilige Donar-eik’ te kappen. Donar reageerde niet, gaf zelfs geen kik, zodat de heidenen zich fluks bekeerden zich tot het Christendom.  In 744 stichtte hij het klooster te Fulda. Op 80-jarige leeftijd wilde de (inmiddels) aartsbisschop alsnog Friezen zien te bekeren en toog daar in 754 aan het werk. Terwijl hij wachtte op een aantal bekeerlingen, werd hij overvallen door een meute inboorlingen en gedood. Relikwieën van hem worden bewaard in het klooster Fulda. De ‘Duitse Apostel’ wordt geëerd om zijn grote productie aan kloosters en bisdommen en vereerd als groot missionaris en martelaar.

In Dokkum is een Bonifatius-bron met een Bonifatiuskapel. In de jaren twintig van de vorige eeuw herleefden de bedevaarten naar Dokkum. Sinds 1956 is Dokkum het officiële bedevaartsoord van het bisdom Groningen. Het jaar 2004 is het ‘Bonifatius-jaar’ met veel activiteiten (www.heiligebonifatius.nl). In de volksoverlevering wordt de nabijgelegen plaats Murmerwoude genoemd als moordplek, het ‘Moordenaarswoud’ en in de Duitse literatuur ‘das Mordwald’

 

2- Kornhorn

Op 18 januari 1929 schoot IJje Wijkstra vier veldwachters dood, die ‘zijn Aaltje’ kwamen weghalen. Hij werd gepakt en kort daarop veroordeeld tot een lange celstraf. Op 6 juni 1944 stierf IJje in gevangenschap. Hij werd slechts 46 jaar oud. Toen werd al gezegd “Het beest van Doezum is dood, maar zijn legende leeft”.

De plaatselijke wandelroute ‘het Curringhepad’ voert ook langs historische locaties van 1929. In 1978 verscheen een roman over de moord, geschreven door Rinke van der Velde. Pieter Verhoeff maakte er later een film van, getiteld ‘Het teken van het beest”. Op de piratenzenders wordt geregeld het smartlapnummer ‘IJje Wijkstra’ gedraaid.

 

3- Wierumerschouw

Hier is geen moord en doodslag te bekennen, maar om bij de les te blijven, noemen we hier de ‘Dode Laan’. Deze is ook opgenomen in de Reitdiep-fietsroute van het Groninger Landschap.

 

4- Paterswolde

Het Kluivingsbos tegenover het ‘Familiehotel Paterswolde’ staat bekend als het ‘Moordenaarsbos’. In het toenmalige  Cluyvingsbos aan de Groningerweg is op 19 april 1917 een moord ontdekt. Bosarbeiders vond het lijk van de 29-jarige Willemiene Henriette Jansen, die sinds 21 september 1916 vermist werd. Ze is begraven op de Zuiderbegraafplaats te Groningen. Het Moordenaarsbos trok toentertijd ‘vele belangstellenden’. De mysterieuze moord is nooit opgelost.

 

5- Peest

Op de vroegere markegrens tussen Norg en Vries, in het voorheen weidse heideterrein tussen Peest en Zeijen staat ‘de Lebstaok’. Hij markeert de plek waar de schaapherder van Norg het dode lichaam van ‘aol vrouw Lebbe’ aantrof. Het zal in het midden van de 19de eeuw geweest zijn. Zij was ”een zwaarvertie, dat met wat negotie bij pad leup”. De gedachte aan moord werd snel verlaten. Vermoedelijk is ze gestorven door zwakte en ouderdom. Omdat de markegenoten van Norg niet op wilden draaiden voor de zorg en de kosten van de begrafenis, moest hun scheper verklaren dat het lijk van vrouw Lebbe op het grondgebied van Vries lag. De markegenoten van Vries waren bereid haar te begraven, want hun gebied reikte zodoende ineens tot de vindplaats van vrouw Lebbe. Zo kreeg Vries er heel wat bunders goed heideveld bij! Op die locatie werd een grenspaal geslagen, de Lebstaok. Hij staat er nog, ergens in het Noordsche veld bij Peest, op de huidige gemeentegrens van Tynaarlo en Noordenveld.

Deze grenspaal op de vindplaats van de dode staat vermeld in de ‘Encyclopedie van Drenthe’ (uitg. 2003) en in het boek ‘Grenzen in Drenthe’(E.H. Karel, uitgave 2002).

 

6- Anloo (Nationaal beek- en esdorpenlandschap Drentsche Aa)

Ten Noorden van Anloo, tussen het Kniphorstbos en de Anloër Strubben, ligt in de bocht van zandweg en fietspad een grote bult met een grenssteen er boven op. Het is een prehistorische grafheuvel, die vanwege zijn latere functie nu als Galgenberg bekend staat. Deze Galgenberg is tevens een grenspunt, waar vanouds de markegrenzen van Anloo, Schipborg en Zuidlaren samenkwamen. In 1332 werd de Galgenberg al zo genoemd. Alle Galgenbergen op onze route (meestal grote grafheuvels) staan vermeld in de ‘Encyclopedie van Drenthe’.

 

7- Schuilingsoord & Spijkerboor

Beide plaatsen spelen een rol in de geschiedenis van de ‘roofmoord op Ledeboer’. Op 17 september 1780 is de kandidaat-predikant Johannes Ledeboer in het veld bij Schuilingsoord vermoord door Anton Link, een deserteur. Deze werd dezelfde dag tegen de avond bij Spijkerboor opgepakt. Men voerde hem naar de herberg, waar de smid een speciale kram in de muur van de gelagkamer sloeg om de moordenaar aan vast te zetten, tot het openbaar gezag hem kwam ophalen. Volgens uitbater Willem Dijkema van café ’t Keerpunt, zit die kram er nog – achter een lambrizering. In het wandelbos bij Schuilingsoord moet een grondkruis de plek van de moord nog aanduiden.

De moord op Ledeboer is beschreven in het Drents tijdschrift ‘Ons Waardeel’ (jrg. 1989) en in het boek ‘Landschapsgeschiedenis van de Strubben/Kniphorstbos’ (uitg.1993)

 

8-Balloërveld (Nationaal beek- en esdorpenlandschap Drentsche Aa)

Het Balloërveld ten Noordoosten van Balloo herbergt veel grafheuvels, maar de noordelijkste daarvan is hier de Galgenberg. De grafheuvel dateert uit de Vroege Bronstijd, met wat later bijzettingen uit de Midden-Bronstijd. Bij het archeologisch onderzoek in 1932 zijn bovenin ook menselijke skeletresten aangetroffen van veel jongere datum.

 

9- Sleenerzand

De Galgenheuvel ‘van Sleen’ ligt in de boswachterij Sleenerzand, als herkenbaar grenspunt op een knik in de oude grens met Zweeloo. Het is een z.g. ‘Drieperiodenheuvel’ uit de Bronstijd. Deze grafheuvel is befaamd geworden door de vondst van de complete grafinventaris van het ‘stamhoofd van Sleen’.

 

10- Westerbork

De Galgenberg bij Westerbork ligt geïsoleerd in het bouwland, zuidoostelijk van het dorp, aan de weg Westerborkerveld, ten zuiden van de Orvelterstraat. Een Midden-Bronstijd grafheuvel, waarin ook sporen van de latere executieplaats zijn gevonden.

 

11- Nationaal park Dwingelderveld

Op de Dwingeloosche heide, even ten zuiden van het Smitsveen en de schaapskooi van Natuurmonumenten en een paar honderd meter westelijk van de oude Hoogeveensche Dijk ligt het ‘Moordenaarsveen’. Naar verluidt is hier tijdens de roerige periode van de Tachtigjarige Oorlog een Spaans soldaat vermoord en in het veentje weggemoffeld en spoorloos verdwenen. Het is daar nog steeds niet pluis. Het verhaal is onder de titel ‘De Soldaot op de Heide’ opgenomen in de bundel ‘Streekverhalen van Harmjan van Steenwijk; nieuwe sagen, legenden en spookverhalen van Drenthe’ (uitg. 2003)

 

12- Anholt

Bij Anholt, tussen Ruinen en Pesse, ligt de ‘Galgenberg Pesse’ aan de weg met de naam Galgenkamp. Ook een Bronstijd-grafheuvel, die als Galgenberg bijna tweehonderd jaar geleden al op de kaart stond.

 

13- Schottershuizen

Ten oosten van Schottershuizen, ligt in een strookje niet-ontgonnen land met wat bos en een veentje. een veldkei met de amper leesbare initialen M.K. Daar is op 30 mei 1881 de dienstbode Mina Kroes door de veenarbeider Remmelt van der Hulst doodgeslagen. Zij werkte bij de grootgrondbezitter Frans Evert Nolde ‘op’ de Linde en was op weg naar haar ouders. Hij kwam - net ontuchterd na een insluiting - uit het politiebureau van Hoogeveen en zwierf nog wat rond. Remmelt wilde geld van Mina. Zij weigerde en werd vermoord – voor 34 stuivers, wat kledingstukken en de gouden kroontjes van haar oorijzers. De moordenaar werd pas na 2 jaar gearresteerd en veroordeeld tot 25 jaar gevangenisstraf. De boeren uit de buurt plaatsten een gedenksteen met de initialen van het slachtoffer Mina Kroese. Het ‘Zwarte Gat’ kent men in de buurt ook nog als ‘Moordplas’.

De plek ligt aan de Wandelroute van het Drentse landschap nr.3 ‘Het Zwarte gat bij Zuidwolde’ – tussen de Slagendijk en de Vogelzangsche Wijk. ‘De Moord op Mina Kroes’ is ook de titel van een stuk voor kindertoneel (tot 12 jaar), geschreven door Sabine Neuteboom. Het toneelstuk is wel geïnspireerd door de moord, maar is geworden tot “een romantisch spookverhaal met witte wieven, rare typetjes en veel humor”. Het originele moordverhaal wordt uitgebreid beschreven in het boekje ‘Drenthe deur’ (uitg. 2000) van ‘de Hotelkring Drenthe’.

 

14- Koekange

Op 9 september 1909 gebeurde een drievoudige moord op het Koekanger Veld. Ongeveer op de vroegere gemeentegrens van De Wijk en Ruinen werden de schapenboer Hendrik Bakker, zijn huishoudster Hendrikje Bierman en de jonge knecht Jan Winters gruwelijk om het leven gebracht. Hun woninkje lag afgelegen op het open heideveld, zodat de lijken later door een imker ontdekt werden. Het geld dat in huis moest zijn, driehonderd gulden: de opbrengst van wat verkochte schapen, is nadien teruggevonden in de verstopplaats achter de haard. Motief en daders zijn een raadsel gebleven. Hoewel, in het boek ‘De Stilte van Koekange’ suggereert de schrijver Max Dendermonde, dat menigeen in die omgeving méér wist dan hij kwijt wilde. De plek des onheils ligt in de later aangelegde boswachterij, maar de Kunst- en Natuurroute van de Echtener Stichting (ES) voert er langs.

 

15- Nederland & Baarlo

Op het kerkhof van Baarlo, achter de oude Zuiderzeedijk, ligt het ordentelijke en officiële graf van de Dood. Van Jan de Dood om precies te zijn. De grafsteen vermeld dat J. de Dood en Geertje de Dood daar begraven liggen. Jan is op 6 april 1833 in Steenwijk geboren en op 23 januari 1892 in Nederland overleden. Er staat verder “In leven H.d.S te Nederland”, oftewel Jan de Dood, Hoofd der School te Nederland.

Overigens niets dan goeds van deze schoolmeester, die van een schamel traktement moest rondkomen. Hij hield een aantal fuiken als nevenverdienste. Zijn beide zonen zijn dan ook visser geworden. Meer over Jan de Dood en Nederland in het boek van T.R Stegeman ‘Waterig Nederland’ (uitg. 1984 IJsselacademie, Kampen) en in de bundel van Frederik M. Wiedijk ‘De Boeiende Wereld van Weerribben en Wieden’ (uitg.VVV ‘Blokzijls Belang’ z.j.)

 

16- Vledder

In de zomer van 2001 trok het Meetpunt 1VLEA4 in het rapport ‘Monitoringsplan Herstel Brongebied Vledder Aa’ van het waterschap Reest & Wieden mijn belangstelling. Dit meetpunt in de Vledder Aa bleek namelijk de ‘Moordstuw’ te zijn. Navraag bij de ‘peilbeheerders’ leerde dat de Moordstuw zo is gaan heten, vanwege een poging tot moord door verdrinking aldaar ‘ergens in de jaren zestig’. Meer gegevens zijn van de Moordstuw niet bekend.

 

17- Donkerbroek

De Galgenberg van Donkerbroek, halverwege Haule en ten zuiden van Janssenstichting, bestaat vooral in naam. Hij stond in 1718 al op de kaart. Door ontginningen is er niet veel méér van over dan het toponiem. In deze laatneolitische grafheuvel is vóór de officiële opgraving in 1925 al eerder door illegale schatgravers rondgehannest. Misschien waren het deze lieden die in de Galgenberg menselijke skeletresten aantroffen. Misschien wel van soldaten uit de 17de eeuw. Ze maakten deel uit van de bezetting van de nabijgelegen Schans Breeberg door Staatse troepen. Drie soldaten smeerden hem, maar werden achterhaald en wegens desertie ter dood veroordeeld. Twee kregen gratie en kregen een andere straf. De derde werd in 1673 op de Galgenberg opgehangen.  

U bent aan het eind van de Noordelijke rondreis langs oorden van moorden, galgenbergen en de dood. U zit vlakbij bij het Drieprovinciënpunt en kunt van hieruit uw eigen moordplekken uitzoeken. 

Jan Tuttel

(verkorte tekst hiervan is gepubliceerd in de Wegwijzer-bijlage ‘de Route’ van het Dagblad van het Noorden, vrijdag 4 juni 2004)

 


Copyright 1995 - 2008 Han Tuttel. All rights reserved.
This material may not be published, broadcast, rewritten or redistributed in any form, including digital,
without the prior consent and written agreement by the author.